Rijstepap

Dit recept is een ode aan mijn peetmoeder. Mijn peetmoeder was één van de meest belangrijke personen in mijn leven. Ondanks dat we niet in hetzelfde land woonden, was onze band erg sterk. We konden leuk kletsen en zij was maar wat trots als haar peetdochter weer in het land was.

Mijn peetmoeder was niet alleen voor mij belangrijk. Zij was de spil van de familie. Bij haar stond letterlijk de deur (lees schuifdeur) open en was er altijd heel veel eten. Zij maakte de lekkerste gemista (gevulde groenten met rijst, zoals tomaat, paprika en aubergine) en zij stond er om bekend altijd jelly en rijstepap in schaaltjes in de koelkast te hebben staan.

Al jaren maak ik zelf mijn rijstepap en ik ben erg blij met dit recept. Qua ingrediënten en bereidingswijze zal ik het vast niet op haar manier maken, maar de smaakbeleving is zeker hetzelfde. Iedere hap van deze rijstepap brengt mij terug naar de mooie momenten met mijn peetmoeder en natuurlijk ook peetvader.

Ik gebruik tegenwoordig vanille extract in plaats van een vanillepeul. Indien je toch een vanillepeul gebruikt, kun je onder het recept lezen hoe je deze het best kunt toepassen.

Ingrediënten, 5 tot 6 schaaltjes:

  • 100 gram dessertrijst
  • 250 ml water
  • Snufje zout
  • 1 liter melk
  • 100 gram suiker
  • 2 theelepels vanille extract, of 1 vanillepeul.
  • 1 theelepel maïzena
  • Eventueel kaneelpoeder voor het bestrooien van de pap

Bereidingswijze:

Doe de rijst in een pan, zie tip onder het recept, en voeg hieraan het water en het snufje zout toe. Laat de rijst op middelhoog vuur koken totdat het water is opgenomen. Verwarm ondertussen 900 ml melk in een andere pan en los hierin de suiker op. Zodra al het water uit de pan met rijst is opgenomen, voeg je voorzichtig de melk toe. Zet het vuur laag en blijf 10 tot 15 minuten roeren. Doe de maïzena in een kommetje en voeg hier de overgebleven 100 ml melk aan toe. Roer goed door elkaar, totdat het een glad mengsel is. Voeg dit maïzena papje toe aan de pan met rijst en voeg ook direct de vanille toe. Roer, ongeveer 3 minuten, alles goed door totdat de melk begint te binden. Verdeel de rijstepap over de kommetjes en laat dit goed afkoelen. Zodra de pap koud is, kun je deze naar wens bestrooien met kaneel.

Eet smakelijk!

Tips: Kook de rijst in een pan met dikke bodem en groot genoeg om hier later de melk aan toe te voegen.

Indien je besluit een vanillepeul te gebruiken, snijdt je deze over de helft doormidden. Schraap het merg eruit en voeg dit toe aan de pan met melk en suiker. De overgebleven peul doe je ook bij de melk. Alvorens je de maïzena bij de rijst toevoegt, haal je de peul uit de pan.

Fanouropita

Het allereerste waar ik aan denk bij deze cake zijn de bak- en kookmomenten met mijn vader. Mijn vader is een geweldige kok. Hij maakt bijvoorbeeld zelf deeg voor de vele Griekse pita’s, maar zoete gerechten maakte hij eigenlijk nooit. Op deze fanouropita na. Het recept hieronder heb ik van hem geleerd. Traditiegetrouw wordt deze cake op of rond 27 augustus gebakken, maar bij bekenden viel deze zo erg in de smaak dat mijn vader deze veel vaker bakte.

27 augustus is een Griekse Orthodoxe feestdag te ere van de Heilige Fanourios. De hulp van deze heilige werd ingeroepen als men opzoek was naar dingen of mensen.

Deze cake heeft een rijke smaak door de olijfolie en sinaasappelsap. Laat je niet afschrikken door deze ingrediënten. De smaak is fantastisch!

Het mooie aan deze cake is dat deze op allerlei manieren te maken is. Of je nu een keukenmachine, handmixer of garde hebt. Ik maak deze cake altijd met een garde.

De kans is groot dat de cake scheurt tijdens het bakken of tijdens het aansnijden. Dat is geen enkel probleem.

Ingrediënten:

  • 4 kopjes zelfrijzend bakmeel
  • Mespunt baksoda
  • 1 theelepel kaneelpoeder
  • 1 kopje olijfolie
  • 1 kopje suiker
  • ½ kopje water
  • ¾ kopje sinaasappelsap
  • Rasp van een citroen en van een sinaasappel
  • 1 kopje (blanke) rozijnen
  • 1 kopje walnoten, grof gehakt
  • Poedersuiker voor de garnering
  • Extra nodig; 24cm springvorm

Bereidingswijze:

Verwarm de over voor op 180°C. Vet de springvorm in en leg eventueel bakpapier op de bodem.

Doe de olie, het water, de sinaasappelsap, de suiker en de rasp in een kom en meng goed door elkaar. Voeg hier vervolgens het bakmeel, de baksoda en de kaneelpoeder aan toe. Meng alles goed door elkaar en schep vervolgens de rozijnen en de walnoten door het beslag heen. Giet het beslag in de springvorm. Bak de cake in 45 minuten gaar. Laat de cake minimaal 30 minuten in de vorm voordat je deze er uit haalt. Laat de cake vervolgens volledig afkoelen en bestrooi dan met poedersuiker.

Eet smakelijk!

Biftekia me patates sto fourno

Oftewel, burgertjes met aardappels in de oven.

Kom je weleens in Griekenland? Dan herken je vast wel dit gerecht van de menukaarten op de vele  tavernas. Nu is het je kans om dit zelf te maken. Dit gerecht maak je in de oven en dat vind ik altijd erg prettig. Je hebt er weinig omkijken naar en het fornuis blijft schoon.

Dit gerecht is geliefd bij kinderen en ik combineer het vaak met een Griekse boerensalade (choriatiki) en tzatziki.

Waarschijnlijk passen niet alle aardappels in een ovenschaal. Dat is geen enkel probleem. Doe deze gerust in een andere ovenschaal. Het citroensap, oregano, olijfolie en zout en peper verdeel je dan over de twee ovenschalen.

Ingrediënten, voor 4 á 6 personen:

Voor de biftekia:

  • 500 gram (runder) gehakt
  • 1 ui, geraspt,
  • 1 tomaat, geraspt
  • 1 eetlepel Griekse yoghurt
  • 1 eetlepel olijfolie
  • Half bosje peterselie, fijngehakt
  • 1 ei
  • +/- 4 eetlepels paneermeel

Voor de aardappels:

  • 2,5 kilo aardappels
  • Sap van 2 citroenen
  • Zout en peper
  • Gedroogde oregano
  • Olijfolie, ruime hoeveelheid, +/- half kopje
  • Half glas water

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 200° C.

Doe alle ingrediënten voor de biftekia in een schaal en meng goed door elkaar. Als het mengsel nog wat vochtig is, kun je wat extra paneermeel toevoegen. Vorm van het gehakt kleine burgertjes.

Was en schil de aardappels. Snijdt grote aardappels in 4 stukken en de kleine in 2 stukjes.

Vet een ruime ovenschaal in met wat olijfolie en leg hierin de biftekia en de aardappels. Bestrooi de aardappels met zout, peper, oregano en een ruime hoeveelheid olijfolie. Giet vervolgens het citroensap over de aardappels heen. Besprenkel de biftekia ook wat met olijfolie. Giet een klein beetje water in de ovenschaal.

Zet de schaal in het midden van de oven en bak 30 minuten. Na 30 minuten draai je de aardappels en biftekia om. Bak nog eens 20 minuten. Het gerecht is klaar zodra de aardappels klaar zijn.

Eet smakelijk!

Faki

Deze linzensoep is de eerste soep die in mij opkomt als je mij naar Griekse soepen zou vragen. Het wordt in ieder huishouden gegeten en behoort – als je het mij vraagt – tot het vegetarische krachtvoedsel. Deze soep heeft mij door mijn zwangerschap geholpen. Als klein kind was ik hier al dol op en dat ben ik nog steeds. Ik vind het dan ook super mooi om te zien dat Zoí ook gek op deze soep is.

Mijn peetmoeder at vaak wat gebrokkelde feta en tonijn uit een blikje bij deze soep. Deze traditie zeg ik inmiddels voort.

De azijn, slechts een klein scheutje of enkele druppels, maken deze soep helemaal af.

Ingrediënten:

  • 2,5 l water
  • 250 gram groene linzen
  • Scheut olijfolie
  • 1 ui, gesnipperd
  • 1 knoflook, fijn gesneden
  • 1 laurierblad
  • 1 theelepel gedroogde oregano
  • 1 eetlepel tomatenpuree
  • Zout en peper
  • Witte wijnazijn

Bereidingswijze:

Doe het water in de pan, samen met de linzen, de olijfolie, de ui, de knoflook, het laurierblad, de oregano, het zout en peper en breng aan de kook. Zodra de soep kookt, voeg je de tomatenpuree toe. Na ongeveer 30 á 40 minuten zijn de linzen gaar. Proef tussendoor of de soep genoeg smaakt heeft en breng eventueel nog verder op smaak met zout en peper.

Schenk de soep in borden en doe er een klein beetje azijn bij.

Eet smakelijk!

Tip: de linzen week ik nooit. Wel was ik deze wel zorgvuldig en kijk ik of er steentjes tussen zitten.

koulouria

Deze heerlijke sesam-brood-ringen worden in Griekenland veel op straat verkocht. Veelal op karren vlakbij de metrostrations, of op andere drukke plekken waar bijvoorbeeld mensen onderweg naar hun werk snel een koulouri kopen als ontbijt. Ik eet een koulouri graag op het strand en gelukkig komt men ook daar ook langs om deze broodjes en andere lekkernijen te verkopen. Griekenland is niet het enige land waar deze broodjes verkocht worden. Ook in Turkije worden ze verkocht en daar worden deze simit genoemd.

Het recept is niet moeilijk, maar vergt wel wat tijd. Behalve het rijzen, zit de meeste tijd in het afbakken van de koulouria. Dit komt omdat er, op een bakplaat van een 60 cm fornuis, slechts 5 koulouria passen.

Ingrediënten, ongeveer 25 stuks:

  • 1 kilo bloem
  • 42 gram verse gist
  • 600 ml lauwwarm water
  • 1 eetlepel zout
  • 100 gram suiker
  • 400 gram sesamzaadjes
  • Extra nodig; keukenmachine met deeghaak

Bereidingswijze:

Doe het water in een ruime maatbeker of kom en los hierin de gist op. Doe dit door de gist boven het water te verbrokkelen en even door te roeren. Laat dit mengsel 10 minuten staan.

Doe de bloem, het zout en de suiker in de kom van de keukenmachine en laat de machine zacht draaien. Voeg geleidelijk het gistwater toe en laat de machine het deeg op middelhoge snelheid ongeveer 10 minuten kneden. Als het deeg wat nat is, voeg je nog wat bloem toe. Als het deeg te door aanvoelt, voeg je nog wat lauwwarm water toe.

Doe het deeg in een schone kom en bedek de kom met vershoudfolie of met een schone theedoek. Laat het deeg 1 uur rijzen of totdat het volume is verdubbeld.

Verwarm de over voor op 220 °C. Sla het deeg terug op een licht bebloemd werkblad en kneed het deeg nogmaals door. Maak deegballetjes – ongeveer zo groot als een abrikoos – en rol hier vervolgens slangetjes van ongeveer 30 cm van. Vul een kom met koud water en doe de sesam in een ruime schaal, bijvoorbeeld een ovenschaal. Dompel een slangetje in het water en leg deze vervolgens in de schaal met de sesamzaadjes. Bedek het slangetje met genoeg sesam en verbind de uiteindes van de slang goed aan elkaar, zodat er een ring gevormd wordt. Herhaal deze stappen totdat het deeg op is. Bekleed een bakplaat met bakpapier en leg hier de ringen op. Bak de ringen in 15 minuten goudbruin.

Tip: Om deze koulouria te maken, kun je ook prima droge gist gebruiken. Gebruik dan voor deze hoeveelheid bloem 2 zakjes gist van elk 7 gram. Let goed op of op de verpakking het woord ‘instant’ vermeld staat of niet. Als dat er wel op staat, kun je de gist direct bij de bloem doen zonder dit eerst op te hoeven lossen. Indien het woord er niet op staat, los je de gist net als in het recept omschreven op en laat je het mengsel 10 minuten staan.

Manitaropita – vegetarische versie

Deze pita met champignons – uit pot of blik – in de hoofdrol heeft mijn tante mij leren maken. Ik vind het heerlijk om met haar in de keuken te staan en ik heb veel van haar geleerd. Op ieder feest maak ik deze pita en dan maak ik zowel de versie met bacon of de versie, zoals deze in dit recept, met plantaardige “bacon” reepjes. Mijn bonusdochters zijn pescotariërs en eten dus geen vlees of gevogelte. Om hen toch te laten meesmullen van de gerechten, zijn vleesvervangers een goed alternatief. Voor dit recept gebruik ik de plantaardige bacon reepjes van ProLaTerre en deze zijn te koop bij de biologische supermarkten, zoals EkoPLaza en Gimsel.

Via de foto’s zie je stap voor stap hoe de opbouw van de pita eruit ziet. Het deeg hoef niet netjes uitgerold te worden of netjes omgevouwen te worden. Het gaat om de smaak.

Ingrediënten:

  • 1 pak bladerdeeg, 10 plakken, á +/- 450 gram
  • 4 potten champignons in plakjes, +/- 800 gram totaal, uitgelekt
  • Plantaardige bacon reepjes, +/- 180 gram
  • 250 gram geraspte kaas
  • 200 gram (houdbare) slagroom
  • Zout en peper
  • Bloem voor het werkblad
  • Olijfolie voor de ovenschaal
  • Extra nodig; deegroller, kwast of keukenpapier, ovenschaal +/- 30 x 20 cm

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 180 °C. Vet de ovenschaal in met wat olijfolie. Dit kun je doen met een kwastje of met wat keukenpapier.

Doe de reepjes, zonder olie of boter, in een hapjespan en bak lichtjes aan. Voeg de uitgelekte champignons toe en bak deze mee totdat nagenoeg al het vocht uit de pan is verdwenen.

Strooi wat bloem op het aanrecht en leg 6 bladerdeegplakjes op elkaar. Rol deze uit met een deegroller totdat het deeg groot genoeg is om de bodem en de zijkanten van de ovenschaal te bedekken. Doe het champignonmengsel in de ovenschaal en strooi hier alle kaas overheen.

Bestrooi weer wat bloem op het aanrecht en leg de overgebleven 4 plakken bladerdeeg op elkaar. Rol deze uit zodat de champignons hiermee bedekt worden en het liefst enigszins over de randen heen komt. Vouw de deegranden – van de eerste en de tweede deegplak – samen naar binnen om. Snijdt het deeg in en verdeel de slagroom hierover heen.

Bak de pita in 30 minuten gaar en goudbruin. Draai na 20 minuten de ovenschaal om voor een gelijkmatige kleuring.

Eet smakelijk!

Weetje: mijn tante maakt deze pita altijd met champignons uit blik/ pot en bij dit gerecht werkt dat heel goed, omdat deze al een eigen smaak hebben.