Voorjaarsstamppot met raapstelen en gehaktballen in tomatensaus

Het is pas sinds dit jaar, of eigenlijk sinds dit voorjaar, dat ik raapstelen heb ontdekt. Ik wist wel van het bestaan van deze groente af, maar ik had deze nog nooit geproefd. Na de aanschaf van de eerste bosjes kwam ik vrijwel direct op dit recept uit. Dit gerecht heb ik nu een aantal keren gemaakt en niet alleen Jorge – onze aardappelman – vond het een succes. Zelfs Zoí die eigenlijk niet van de stamppotten is, vond dit stamppotje erg lekker. Het zit hem in de combinatie van een zacht smakende stamppot met een bite van de steeltjes en de smaakvolle gehaktballen met saus.

De raapsteel – niet te verwarren met het sprookje Repelsteeltje zoals onze kinderen doen – is vooral bij de ruim gesorteerde groenteboer of bij de biologische winkels te verkrijgen. De smaak wordt vaak omschreven als licht pittig, al ben ik van mening dat de smaak toch zachter is en daarmee ook zeer geschikt voor moeilijke eters/ etertjes.

Op de wortelaanzet na, kun je alles van deze groente eten.

Lees onderaan het recept en de foto enkele tips.

Ingrediënten, voor 4 personen:

Voor de stamppot

  • 2 kilo kruimige aardappels, geschild en in gelijke stukken gesneden
  • 2 bossen raapstelen, grondig gewassen en ontdaan van de wortelaanzet
  • Peper en zout
  • 200 ml (lauw)warme melk
  • 50 gram (room)boter
  • Eventueel wat nootmuskaat

Voor de gehaktballen

  • 500 gram rundergehakt
  • 1 kleine tot middelgrote ui, geraspt of zeer fijn gesneden, zie tip
  • 1 teentje knoflook, geraspt of geperst, zie tip
  • Zout en peper
  • 1 ei
  • 1 eetlepel gladde mosterd
  • 3 tot 4 eetlepels paneermeel

Voor de tomatensaus:

  • 4 eetlepels olijfolie
  • 1 kleine tot middelgrote ui, gesnipperd
  • 1 teentje knoflook, fijn gesneden of geperst
  • 250 gram champignons, in plakjes gesneden
  • Zout en peper
  • 1 blikje tomatenblokjes, á 400 gram

Bereidingswijze:

Voor de stamppot

Kook de aardappels gaar in een grote pan met gezouten water. Snijdt de steeltjes van de raapstelen fijn en het blad iets grover. Zodra de aardappels gaar zijn, dompel je de raapstelen hooguit een minuut onder in het warme water en vervolgens giet je alles af. Stamp de aardappels en de raapstelen fijn en voeg hieraan de (lauw)warme melk en de boter toe. Breng de stamppot verder op smaak met zout en peper en voeg eventueel naar smaak nog wat nootmuskaat toe.

Voor de gehaktballetjes

Doe het gehakt in een ruime kom en voeg hieraan de ui, de knoflook, de mosterd, het zout en peper, het ei en het paneermeel toe en meng alles goed door elkaar. Draai van dit mengsel gehaktballetjes tot de gewenste grootte.

Voor de saus

Verhit de olijfolie in een hapjespan en fruit hierin de ui en de knoflook gedurende 5 minuten op laag tot middelhoog vuur aan. Voeg vervolgens de champignons toe. Na ongeveer 5 minuten zijn de champignons geslonken en kun je de gehaktballetjes toevoegen. Bak de balletjes rondom bruin. Voeg na 10 minuten de tomatenblokjes toe en vul het lege blik met warm water en giet dit water in de pan. Breng de saus op smaak met zout en peper en laat alles nog 15 minuten op laag vuur sudderen. Vergeet tijdens het sudderen niet af en toe de balletjes te draaien om aanplakken te voorkomen.

Schep de stamppot op een bord en serveer hier enkele balletjes met saus bij en klaar is het eten.

Eet smakelijk!

Tip: Heb je alleen grote uien in huis? Geen probleem. Gebruik dan een halve ui voor de gehaktballetjes en de andere helft voor de saus.

Waarom het ui raspen? Dit heb ik vanuit huis meegekregen en wordt in Griekenland veel gedaan. Door het raspen van het ui komt er vocht vrij en dit vocht brengt het gehakt op smaak. Ditzelfde geldt voor het raspen van de knoflook. Gebruik voor het raspen van de ui de grove rasp en voor de knoflook de fijne rasp.

Eet je graag stamppot rauwe andijvie? Raapstelen kun je prima rauw eten en deze hoef je zoals in het recept staat, niet eerst onder te dompelen in het kokende water.

Stamppot met andijvie en een maiskolf

Een stamppot met spekjes en een stuk rookworst of een ouderwetse gehaktbal vind ik erg lekker. In het kader van minder vlees eten wilde ik een stamppot maken waarbij ik het vlees niet zou missen. De jus wordt dan in één klap erg belangrijk en moet zeer smaakvol zijn. Dat is gelukt! De jus is heerlijk. Een stamppot staat bekend om zijn zachte structuur die je niet zozeer hoeft te kauwen en ik vind het lekker om toch iets met een andere structuur te eten. Door maiskolven hierbij te serveren is dat goed opgelost.

Mijn moeder serveerde de stamppot altijd in de vorm van een vulkaan waar in het midden lekkere jus werd geschonken. Dit die ik maar al te graag na.

Dit recept is budgetvriendelijk en door plantaardige boter en plantaardige worcestersaus te gebruiken, is dit gerecht perfect voor vegetariërs en veganisten.

Ingrediënten, voor 4 personen:

  • 1 flink krop andijvie, goed gewassen en in fijne reepjes gesneden
  • 2 kilo aardappels, geschild en in stukken gesneden
  • 1 ui, gesnipperd
  • 1 teentje knoflook, fijn gesneden
  • 2 eetlepels zoete ketjap
  • 2 eetlepels (plantaardige) worcestersaus
  • 1 eetlepel gladde mosterd
  • 2 voorverpakte maiskolven, doormidden gesneden zodat er 4 stukken zijn
  • Zout en peper
  • (plantaardige) boter
  • 200 ml water
  • Extra nodig; pureestamper

Bereidingswijze:

Kook de aardappels in een ruime pan met gezouten water totdat de gaar zijn. Voeg op het laatst de andijvie toe en kook 1 minuut mee. Giet de pan af en stamp de aardappels en andijvie fijn. Voeg eventueel een blokje boter toe voor een smeuïge stamppot en voeg eventueel naar smaak nog wat zout en peper toe.

Terwijl de aardappels koken, verhit je een hapjespan een klontje boter en hierin fruit je de ui en knoflook aan. Voeg de ketjap, de worcestersaus, de mosterd en wat zout en peper toe. Meng door elkaar en voeg het water toe. Voeg de stukken mais toe, zodat de smaak van de jus hierin kan trekken. Laat de saus op laag vuur door sudderen. Voeg eventueel naar smaak nog wat zout en peper toe.

Schep de stamppot op een bord en schenk hier wat van de jus overheen en serveer met een stukje maiskolf.

Eet smakelijk!