Ovenschotel met röstirondjes, sperziebonen en paprika

Dit is hem dan, de allerlaatste “Swiepswoepswap”. Mandy van Mandyandmore heeft dit fantatische recepten-ruil-concept nu 15 keer georganiseerd. Voor mij is het de zevende, en dus laatste keer, dat ik hier aan meedoe. Dit concept heeft mij keer op keer uitgedaagd creatief om te gaan met een recept van een mede foodie. Dit keer werd ik gekoppeld aan Darja van Mooi Koken.                                                                                

Allereerst wil ik zeggen dat de website van Darja mij een mooie indruk geeft. De startpagina komt op mij rustig en duidelijk over en daardoor kijk ik graag rond op haar site.

Voor de Swiepswoepswap koos ik haar “Ovenschotel rösti met sperziebonen en paprika uit’. Het originele recept vind je hier .

Het recept heb ik qua hoeveelheden aangepast zodat deze voor 6 personen is, de rösti heb ik vervangen door röstirondjes, de spekjes door kastanjechampignons, en naast geraspte kaas heb ik ook mozzarella toegevoegd.

Mijn versie van het recept bewijst nog maar eens dat het leuk is om nieuwe recepten en ideeën te proberen. Het verwerken van rösti – laat staan röstirondjes- in een ovenschotel zou niet bij mijzelf opgekomen zijn. Heel het gezin heeft er van gesmuld en hopelijk zul jij dat ook doen.

Ingrediënten, voor 6 personen:

  • Olijfolie voor het invetten van de ovenschaal en 4 eetlepels voor in de pan
  • 1 kilo röstirondjes
  • 500 gram sperziebonen, schoongemaakt
  • 1 rode ui, gesnipperd
  • 2 teentjes knoflook, fijngesnipperd
  • 250 gram kastanjechampignons, in plakjes
  • 2 paprika’s (bijvoorbeeld rood en oranje), in reepjes
  • 200 gram crème fraîche
  • 100 gram geraspte kaas
  • 1 bolletje mozzarella
  • Zout en peper

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 200°C

Kook de sperziebonen in gezouten water tot de gewenste gaarheid. Giet vervolgens af.

In een ruime (hapjes)pan verwarm je de olijfolie op middelhoog vuur en fruit hierin de ui en de knoflook voor 5 minuten aan. Voeg hier vervolgens de champignons en de paprika’s aan toe en bak 5 tot 10 minuten mee.

Neem de pan van het vuur en voeg nu de sperziebonen, de crème fraîche en naar smaak zout en peper toe en meng door elkaar.

Vet een ruime ovenschaal in met olijfolie en verdeel hier de helft van de röstirondjes over. Er mag ruimte zitten tussen de rondjes, zie foto.

Verdeel het mengsel met de sperziebonen hierover heen en verdeel de overige helft van de röstirondjes erover. Bestrooi met de geraspte kaas en verdeel ook de mozzarella hierover.

Doe de ovenschaal in de oven en bak de schotel in 25 minuten gaar.

Serveer er bijvoorbeeld een lekkere salade bij.

Eet smakelijk!

Zuurkoolquiche

Ook nu – en dit is al de zesde keer dat ik meedoe aan ‘Swiepswoepswap’ van Mandyandmore – ben ik weer erg blij met het geswiepswoepswapte recept.

Dit keer werd ik gekoppeld aan Kookjijook en jemig wat een website! Zo veel recepten! Ik heb er echt even over gedaan om een recept uit te kiezen welke ik naar mijn smaak zou willen aanpassen. Uiteindelijk koos ik de zuurkoolquiche. Het originele recept vind je hier. Dit recept is al in 2012 gepost. Nu tien jaar later ben ik blij mijn versie te mogen presenteren.

Mijn bonusdochters zijn vegetarisch en zo besloot ik de spekjes en de rookworst uit het originele recept te vervangen door de plantaardige spekjes van Vivera. Ook gebruikte ik een sjalotje, champignons en kerriepoeder.

Een quiche is erg fijn omdat het nagenoeg niet mis kan gaan en je er van alles in kunt doen. Een quiche is ook perfect om de restjes uit de (koel)kast op te maken.

Hoeveel deeg je nodig hebt, is afhankelijk van de grootte van de vorm en hoe je de plakjes in de vorm doet. Ik had er vijf nodig. Mijn vorm heeft een diameter van 27 cm. Het originele recept noemt er 8. Pin je hier dus aub niet aan vast.

Ingrediënten:

  • 3 plus 1 eetlepels olijfolie
  • 2 eetlepels paneermeel
  • 5 tot 8 plakjes bladerdeeg, ontdooid
  • 2 theelepels mosterd
  • 1 sjalot, fijn gesnipperd
  • 1 eetlepel kerriepoeder
  • 250 gram champignons, in plakjes gesneden
  • +/- 175 gram plantaardige/ vegetarische spekjes
  • 500 gram zuurkool, goed uitgelekt
  • 3 eieren
  • 125 ml slagroom
  • 150 gram geraspte kaas
  • Zout, peper

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 200°C.

Verhit op middelhoog vuur de drie eetlepels olijfolie in een (hapjes)pan en fruit hierin het sjalotje met de kerriepoeder aan. Na vijf minuten voeg je de champignons toe en bak je deze vijf minuten mee. Na nog eens vijf minuten voeg je de spekjes toe en bak je kort mee. Voeg naar smaak zout en peper toe.

Vet een quichevorm vorm in met de overgebleven eetlepel olijfolie en strooi hier de paneermeel overheen. Leg de plakjes bladerdeeg in de vorm op zo een manier dat de hele bodem en de randen goed bedekt zijn. Zorg dat de plakjes goed aansluiten en leg deze niet teveel over elkaar heen.

Bestrijk de bodem en de randen met een dunne laag mosterd.

In een ruime kom meng je de zuurkool met het champignon mengsel en verdeel dit over het deeg in de quichevorm. In een andere kom klop je het ei en de room goed door. Voeg hieraan de kaas en zout en peper toe. Verdeel dit mengsel over de zuurkool.

Bak de quiche in 30 minuten gaar.

Serveer de quiche in punten met een heerlijke frisse salade.

Eet smakelijk!  

Lasagne melanzane alla parmigianna

Vanuit mijn werk heb ik het geluk dat ik regelmatig in restaurants in zowel het binnen- als buitenland kom. Alhoewel Antwerpen vanuit Rotterdam in minder dan 50 minuten aan te rijden is, voelt het voor mij daadwerkelijk als het buitenland. In België is er een mooi eetcultuur en vooral de manier waarop men luncht spreekt mij enorm aan.

Tijdens een zakelijk etentje zal ik gerechten niet fotograferen. Ik probeer wel zo goed als mogelijk de gerechten te onthouden die ik heb gegeten. Dat geldt voor zowel het uiterlijk als voor de smaak.

“Aan het strand van Oostende” in Antwerpen had ik erg veel moeite een keuze te maken uit de uitgebreide kaart. Om de tafelgasten niet op te houden, koos ik snel (en veilig) voor de “Parmigiani van de chef”. Hier was ik maar wat blij mee! De lasagne werd geserveerd met rucola en tomaat.

Thuis aangekomen schreef ik meteen mijn herinneringen op en zo is mijn versie van dit recept geboren.

De lasagnevellen die ik voor dit recept gebruikte, waren half volkoren. Dit hoeft natuurlijk niet. De ‘normale’ vellen zijn natuurlijk ook prima.

Ik hoop dat jij ook enthousiast zult worden en onderaan het recept staan enkele tips.

Ingrediënten, voor 4 personen:

  • 4 eetlepels olijfolie
  • 1 ui, zeer fijn gesneden
  • 1 knoflookteen, zeer fijn gesneden
  • 700 gram passata
  • Ongeveer 10 basilicum blaadjes, fijn gescheurd
  • 1 theelepel gedroogde oregano
  • Zout en versgemalen peper
  • Eventueel ½ theelepel honing
  • Ongeveer 15 harde lasagnevellen
  • 2 aubergines, in plakken van ½ cm gesneden
  • 150 gram geraspte Parmezaanse kaas, plus eventueel extra
  • Extra nodig; bakplaat met bakpapier, ovenschaal (ongeveer 18 x 30 cm), aluminiumfolie

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 200°C.

Verhit, op een laag vuur, de olijfolie in een koekenpan. Fruit hierin de ui en de knoflook voor ongeveer 5 minuten aan. Voeg vervolgens de passata, de basilicum, de oregano, het zout en peper toe. Meng door elkaar en laat de saus ongeveer 10 minuten, nog steeds op laag vuur, pruttelen. Proef de saus en als deze te zuur is, kun je de honing toevoegen. Zet het vuur uit.

Leg de plakjes aubergine op een bakplaat en bak deze 15 minuten. Herhaal dit totdat alle aubergine plakjes gebakken zijn.

Voor de opbouw van de lasagne smeer je ¼ van de saus uit op de bodem van de ovenschaal. Leg hier een laag aubergines boven op. Verdeel hier ¼ van de kaas over. Maak nu een laag van de lasagnevellen. Verdeel hier nog eens ¼ van de saus over gevolgd door een laag met aubergines en ¼ van de kaas. Maak een laag van de lasagnebladen en verdeel nog eens ¼ van de saus gevolgd door de aubergines. Strooi hier ¼ van de kaas over en bedek met een laag lasagnevellen. Verdeel het laatste ¼ deel van de saus en de overgebleven kaas hierover.

Bedek de schaal met aluminium folie en bak de lasagne in 35 minuten gaar.

Haal de schaal uit de oven en laat de lasagne zo’n 10 minuten rusten en iets afkoelen. Zo kun je beter stukken snijden en opscheppen.

Strooi eventueel nog wat extra kaas op de lasagne en geniet.

Eet smakelijk!

Tip:

Om er zeker van te zijn dat de lasagnevellen gaar zullen zijn, leg je de vellen –  terwijl je de lasagne opbouwt – één minuut in een schaal met kokend water. Zo garen de vellen voor. Bovendien kun je deze dan makkelijk bijsnijden om zo een mooie pasta laag te creëren in de ovenschaal.  

Het maakt voor de opbouw van de lasagne niet uit in welke vorm je de aubergine snijdt. Als deze maar niet te dik zijn.

Lahanorizo

Eenpansgerechten, wie houdt er niet van. Het is overzichtelijk, want je hoeft maar op één pan te letten en het scheelt bovendien enorm in de afwas.

Deze lahanorizo is een heerlijk en gezond eenpansgerecht. De verse kruiden en de citroen maken het gerecht fris. Waar veel huishoudens tomatenpuree gebruiken, geef ik hier de voorkeur aan verse tomaten. Een tomaat kun je met een scherp mesje makkelijk schillen en door de tomaat boven de pan te raspen, komen alle smaken goed tot zijn recht. Zie de tip onderaan het recept.

Aangezien ik een enorm grote feta liefhebber ben, eet ik dit gerecht altijd met feta. Je kunt dit natuurlijk weglaten en dan heb je een volledig plantaardig gerecht. Niet alleen feta is een lekkere toevoeging. Je kunt er ook voor kiezen om nog wat extra citroensap toe te voegen op je bord.

Ingrediënten:

  • 4 eetlepels olijfolie
  • 1 ui, gesnipperd
  • 1 teentje knoflook, fijn gesneden
  •  1 spitskool, in reepjes van ongeveer 1 cm breed
  • 1 laurierblad
  • 2 tomaten, geschild
  • Zout en peper
  • 300 gram rijst
  • 600 ml water
  • 1 bosje dille, fijn gesneden
  • 1 bosje platte peterselie, fijn gesneden
  • Sap van 1 citroen plus eventueel extra voor aan tafel
  • Eventueel; feta
  • Extra nodig; een rasp

Bereidingswijze:

Verhit de olie in een ruime pan en fruit hierin op middelhoog vuur de knoflook en ui in aan. Zodra de ui mooi glazig is geworden, voeg je de kool en het laurierblad toe. Roer de kool goed door de pan heen en voeg wat zout en peper toe. Na vijf minuten rasp je de tomaten boven de pan en roer je de tomaten goed door de kool heen. Na nog eens vijf minuten voeg je de rijst toe en roer je deze ook goed door de kool heen. Voeg het water, het citroensap en de verse kruiden toe. Doe de deksel op de pan en laat de rijst op laag tot middelhoog vuur langzaam aan garen. Indien de rijst het vocht snel opneemt en nog niet gaar is, kun je een beetje water toevoegen. Voeg tot slot naar smaak nog wat zout en peper toe.

Eet smakelijk!

Tip: Met een scherp schilmesje kun je een (stevige) tomaat makkelijk schillen. Begin hiervoor bij de kruin en schil de tomaat rondom. Voor het raspen van de tomaat houd je de tomaat heel. Gebruik de grove kant van de rasp en houdt de hele tomaat in je hand. Rasp totdat er niets meer over is. Zo gebruik je de hele tomaat zonder iets te verspillen. Je kunt er voor kiezen de tomaat boven een schaaltje te raspen, maar je kunt het ook direct boven de pan doen. Pas hier dan wel extra op voor de hitte van de pan.

“Surinaamse” huzarensalade

Op de huzarensalade kennen we veel varianten en er bestaan er vast veel meer. In heel veel landen worden dergelijke salades gemaakt en deze zijn natuurlijk erg handig voor het opmaken van groenten restjes.

Ik ben gek op de huzarensalade. Dit komt vast zeker door de mayonaise die vaak in deze salades verwerkt is. De combinatie van aardappels en mayonaise is al snel goed.  Op Nederlandse feestjes worden er vaak koude salades op grote schalen geserveerd. Wist je dat dit ook op Surinaamse feestjes wordt gedaan? Mijn ex-schoonmoeder maakte dit voor ieder feestje en deelde deze dan per persoon bijvoorbeeld voor of na het eten uit. Haar salade was altijd mooi roze van kleur en zij maakt altijd een variant met kip.

Op de feestje die ik geef, heb ik steeds vaker vegetarische en zelfs vegan gasten op bezoek en daarom heb ik besloten een vegetarische variant te maken. Voor een vegan/ plantaardige variant heb je maar één aanpassing nodig, namelijk het gebruik van vegan mayonaise.

De kleur van de salade heb je min of meer zelf in de hand. Hoe meer bietenvocht je gebruikt, hoe meer roze de salade wordt. Ook de structuur bepaal je zelf. Hoe fijner de stukjes, hoe fijner de salade. Hoe grover de stukjes, hoe grover de salade. Heb je andere groenten (restjes) thuis of wil je liever andere ingrediënten gebruiken, varieer hier dan gerust mee.

Ingrediënten, voor een ruime schaal:

  •  1 kilo aardappels
  • 1 blikje mais, á 400 gram, afgespoeld en uitgelekt
  • 3 voorgekookte bietjes, in kleine blokjes gesneden
  • 4 (zoet/ zure) augurken, in kleine stukjes gesneden
  • 2 eetlepels zilveruitjes
  • 300 ml mayonaise
  • Zout en peper

Bereidingswijze:

Kook de aardappels gaar in een ruime pan gezouten water. Giet de aardappels af en laat deze afkoelen. Zodra de aardappels afgekoeld zijn, prak je deze fijn en doe je deze in een ruime schaal. Voeg alle overige ingrediënten toe. Meng goed door elkaar en breng op smaak met zout en peper.

Tip: Als je deze salade voor bijvoorbeeld een feestje maakt, is het verstandig de salade in een ruime schaal te maken. Pas als de salade klaar en op smaak is, schep je deze over op een mooie serveerschaal.

Paddenstoelen enchilada’s met pulled seitan

Dit bericht schrijf ik vol enthousiasme. Het is namelijk mijn eerste keer dat ik meedoe aan de ‘swiepswoepswap’ van Mandy van Mandyandmore. Waar sommigen zullen denken ‘Doe je nu pas mee?’ zullen anderen misschien denken ‘Wat is dat?’. Mandy begon in april 2019 met een heel leuk recepten-ruil-concept, de ‘swiepswoepswap’. Verschillende foodbloggers/ foodies worden aan elkaar gekoppeld en maken zo van elkaar een recept. Een recept waar een eigen draai aan wordt gegeven.

Ik schrijf niet alleen zelf recepten, maar ik vind het super leuk om andermans recepten te proberen. Mijn huis puilt uit van de kookboeken en kookmagazines. Juist omdat ik dit zo leuk vind, snap ik inderdaad niet waarom ik niet eerder heb meegedaan aan dit concept. Gelukkig kan ik deze ‘verloren’ tijd goedmaken.

Mandy koppelde mij aan Anouk van Groentje Gezond. Anouk heeft een erg mooie site ontwikkeld en wat blijkt, zij is in 2004 al met bloggen gestart! Chapeau! Tijdens het bekijken van haar website – https://groentjegezond.nl/ – vielen mijn ogen op haar enchilada’s recept – paddenstoelen enchilada’s met pulled oats. Zoals jullie wellicht weten heb ik een grote liefde voor Latijns-Amerika en vooral voor mijn eigen latino Jorge. Wat is er dan leuker om haar recept met beiden handen aan te pakken en daar zelf een eigen draai aan te geven?

Het originele recept – klik hier – heb ik aangepast door de champignons te vervangen met een paddenstoelen mix en door de pulled oats te vervangen door pulled seitan.

Wat is seitan? Seitan is een vleesvervanger gemaakt van tarwe-eiwit/ tarwegluten. Seitan vindt zijn oorsprong in Japan en wordt al honderden jaren, zo niet duizenden jaren in Azië gegeten. De structuur vind ik erg lekker en ik krijg geen (vervelende) nasmaak zoals ik die wel krijg bij sommige andere vleesvervangers. Seitan is goed te verkrijgen bij de biologische winkels zoals EkoPLaza en Gimsel. Ik heb de seitan van het Amsterdamse bedrijf Bumi gebruikt.

Ingrediënten, voor 6 enchilada’s:

  • 175 gram pulled seitan
  • 150 gram bimi, in stukken gesneden
  • 200 gram paddenstoelenmix, in stukken gesneden
  • Salsa saus, 1 potje van bijvoorbeeld van Santa Maria
  • 100 gram geraspte kaas
  • 1 theelepel chilipoeder
  • 1 theelepel paprikapoeder
  • Verse koriander, half bosje, fijn gesneden
  • 2 eetlepels (olijf)olie, plus extra voor het invetten van de ovenschaal
  • Zout en peper
  • 6 tortilla’s

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 200° C en vet een ovenschaal ligt in met wat (olijf)olie.

Blancheer de bimi ongeveer 2 minuten in kokend water en giet dan af. Verhit in een ruime koekenpan de olijfolie en bak hierin voor ongeveer 5 minuten de paddenstoelen. Voeg vervolgens de seitan, de chilipoeder, de paprikapoeder, de bimi, een deel van de koriander, de helft van de salsa en ongeveer 100 gram van de geraspte kaas toe. Meng door elkaar en laat enkele minuutjes sudderen. Voeg eventueel naar smaak nog wat zout en peper toe.

Verdeel dit mengsel over de tortillas’s en rol deze op. Leg de tortilla’s met de naad naar beneden in de ovenschaal. Verdeel de overgebleven salsa over de tortilla’s en bestrooi met de overgebleven kaas.

Zet de ovenschaal in de oven en bak deze ongeveer 10 minuten. Strooi nog wat koriander over de enchilada’s heen en genieten maar.

Eet smakelijk!