Aardappelsalade met makreel

Als je dol bent op aardappels, gerookte makreel en houd je er van om een salade te eten, dan is dit gerecht perfect. Heerlijk om een warme dag als lunch of zelfs als avondeten met eventueel wat brood of met een kopje soep erbij.

Verse kruiden maken ieder gerecht helemaal af. Helaas kan ik op de een of andere manier dille niet zelf verbouwen en als ik een kruidenpotje koop, zit er al snel geen leven meer in. Om deze reden heb ik altijd gedroogde dille in huis en dat is een goed alternatief.

Ingrediënten, 4 personen:

  • 2 kilo aardappels
  • 3eieren, hardgekookt en in plakjes gesneden
  • 250 gram haricot verts
  • Zakje veldsla
  • 1 sjalot, zeer fijn gesneden
  • 1 gerookte makreel, ontdaan van vel en graatjes in stukjes
  • 200 ml yoghurt
  • 3 eetlepels olijfolie
  • 1 eetlepel (halfvolle) mayonaise
  • Zout en peper
  • (Gedroogde) dille

Bereidingswijze:

Kook de aardappels zonder schil gaar in een ruime pan met gezouten water. Giet af en laat de aardappels goed afkoelen. Snijdt de aardappels in plakjes van ongeveer 1 cm. Kook de haricot verts drie minuten totdat deze beetgaar zijn.

Doe de veldsla, de aardappel, het ei, de haricot verts, de sjalot en de makreel in een ruime schaal.

Voor de dressing doe je de yoghurt, de olie en de mayonaise in een schaal en meg je dit goed. Breng op smaak met zout, peper en eventueel wat dille.

Doe de dressing bij de rest van de ingrediënten, meng alles goed elkaar en klaar is de salade.

Eet smakelijk!

Tip: de aardappels zijn het lekkerst als ze op kamertemperatuur zijn. Om deze reden kook ik ze vaak al in de ochtend en laat ik deze buiten de koelkast.

In plaats van dille kun je ook andere verse kruiden gebruiken, zoals peterselie of bieslook.

Muffins met blauwe bessen en citroen

Muffins maken vind ik iets magisch. Het is super makkelijk, het kost weinig tijd en met één recept heb je 12 mini cakejes gemaakt. Ze zijn perfect voor een feestje, traktatie of natuurlijk gewoon lekker om voor je gezin te bakken en eventueel samen met je kinderen te maken.

Ingrediënten:

  • 200 gram zelfrijzend bakmeel
  • 150 gram suiker
  • Mespunt zout
  • 1 ei
  • 180 ml melk
  • 60 ml zonnebloemolie
  • Rasp van 1 citroen
  • 70 gram blauwe bessen

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 180° C. Vul een muffin tray met muffin vormpjes.

Voor het droge mengsel doe je het bakmeel, de suiker en het zout in een grote kom en meng je dit goed door elkaar. Voor het natte mengsel meng je in een andere kom het ei, de melk, de olie en het citroenrasp goed door elkaar. Vervolgens voeg je het natte mengsel bij het droge mengsel en roer je alles goed door met een garde. Voeg tot slot de blauwe bessen toe en meng nogmaals goed door.

Vul de vormpjes tot driekwart met het beslag.

Zet de muffintray in het midden van de oven en bak deze in ongeveer 25 minuten gaar. Draai de muffin tray na ongeveer 18 minuten om en bak dan verder.

Steek een prikker in de muffin en als deze er droog uitkomt, is de muffin gaar.

Eet smakelijk!

Tip: De ene oven is de andere niet. Houdt de kleur van de muffins goed in de gaten. Het kan zijn dat 25 minuten bakken te veel is.

Weetje: dit recept is een klein receptje en is precies genoeg voor 12 muffins.

Gnocchi met “chorizo” en sperzieboontjes

Zonder er eerder bij stil te hebben gestaan, zijn wij in ons gezin echte flexitariërs. Wij houden van een goed stuk vlees, maar het merendeel van de week eten wij vegetarisch en minimaal één keer per week vis. Vanuit de Griekse keuken eten wij zelfs vaak volledig plantaardig (vegan). Dat zou je misschien niet denken als je een menukaart uit een Grieks restaurant voor je ziet.

De laatste tijd proberen wij bewuster te zijn van wat wij eten en zo eten wij ook steeds meer plantaardige varianten op zuivel en vlees. Dit gerecht heb ik terplekke in de supermarkt bedacht en is volledig plantaardig. De smaak en structuur van de “chorizo” worstjes is erg goed. Deze worstjes geven het gerecht veel smaak en ook de welbekende oranje kleur aan het eten.

Ingrediënten, voor 4 personen:

  • 800 gram gnocchi
  • 2 plantaardige “chorizo” worstjes, bijvoorbeeld van Garden Gourmet
  • 1 ui, gesnipperd
  • 1 teentje knoflook, fijn gesneden
  • 250 gram sperziebonen, in stukjes
  • 250 ml plantaardige “room”, bijvoorbeeld van Alpro
  • Handjevol cherrytomaten, +/- 10
  • 4 eetlepels olijfolie
  • Zout en peper

Bereidingswijze:

Verhit de olie in een ruime pan, bijvoorbeeld  in een hapjespan of in een wok. Fruit hierin, op middelhoog vuur, de ui en de knoflook in aan. Snijdt de worstjes in plakjes van ongeveer 1 cm. Doe de worstjes in de pan en pak 5 minuten mee. Voeg de sperzieboontjes en wat zout en peper toe. Voeg na 5 minuten de “room” toe en zet het vuur laag. Kook ondertussen de gnocchi volgens de verpakking en proef of de saus genoeg smaak heeft. Voordat je de gnocchi bij de saus doet, doe je de tomaten bij de saus. Schep de gnocchi uit de pan en doe deze meteen bij de saus en doe daar een flinke lepel kookvocht van de gnocchi bij.

Goed omscheppen en eventueel verder op smaak brengen met zout en peper.

Eet smakelijk!

Faki

Deze linzensoep is de eerste soep die in mij opkomt als je mij naar Griekse soepen zou vragen. Het wordt in ieder huishouden gegeten en behoort – als je het mij vraagt – tot het vegetarische krachtvoedsel. Deze soep heeft mij door mijn zwangerschap geholpen. Als klein kind was ik hier al dol op en dat ben ik nog steeds. Ik vind het dan ook super mooi om te zien dat Zoí ook gek op deze soep is.

Mijn peetmoeder at vaak wat gebrokkelde feta en tonijn uit een blikje bij deze soep. Deze traditie zeg ik inmiddels voort.

De azijn, slechts een klein scheutje of enkele druppels, maken deze soep helemaal af.

Ingrediënten:

  • 2,5 l water
  • 250 gram groene linzen
  • Scheut olijfolie
  • 1 ui, gesnipperd
  • 1 knoflook, fijn gesneden
  • 1 laurierblad
  • 1 theelepel gedroogde oregano
  • 1 eetlepel tomatenpuree
  • Zout en peper
  • Witte wijnazijn

Bereidingswijze:

Doe het water in de pan, samen met de linzen, de olijfolie, de ui, de knoflook, het laurierblad, de oregano, het zout en peper en breng aan de kook. Zodra de soep kookt, voeg je de tomatenpuree toe. Na ongeveer 30 á 40 minuten zijn de linzen gaar. Proef tussendoor of de soep genoeg smaakt heeft en breng eventueel nog verder op smaak met zout en peper.

Schenk de soep in borden en doe er een klein beetje azijn bij.

Eet smakelijk!

Tip: de linzen week ik nooit. Wel was ik deze wel zorgvuldig en kijk ik of er steentjes tussen zitten.

koulouria

Deze heerlijke sesam-brood-ringen worden in Griekenland veel op straat verkocht. Veelal op karren vlakbij de metrostrations, of op andere drukke plekken waar bijvoorbeeld mensen onderweg naar hun werk snel een koulouri kopen als ontbijt. Ik eet een koulouri graag op het strand en gelukkig komt men ook daar ook langs om deze broodjes en andere lekkernijen te verkopen. Griekenland is niet het enige land waar deze broodjes verkocht worden. Ook in Turkije worden ze verkocht en daar worden deze simit genoemd.

Het recept is niet moeilijk, maar vergt wel wat tijd. Behalve het rijzen, zit de meeste tijd in het afbakken van de koulouria. Dit komt omdat er, op een bakplaat van een 60 cm fornuis, slechts 5 koulouria passen.

Ingrediënten, ongeveer 25 stuks:

  • 1 kilo bloem
  • 42 gram verse gist
  • 600 ml lauwwarm water
  • 1 eetlepel zout
  • 100 gram suiker
  • 400 gram sesamzaadjes
  • Extra nodig; keukenmachine met deeghaak

Bereidingswijze:

Doe het water in een ruime maatbeker of kom en los hierin de gist op. Doe dit door de gist boven het water te verbrokkelen en even door te roeren. Laat dit mengsel 10 minuten staan.

Doe de bloem, het zout en de suiker in de kom van de keukenmachine en laat de machine zacht draaien. Voeg geleidelijk het gistwater toe en laat de machine het deeg op middelhoge snelheid ongeveer 10 minuten kneden. Als het deeg wat nat is, voeg je nog wat bloem toe. Als het deeg te door aanvoelt, voeg je nog wat lauwwarm water toe.

Doe het deeg in een schone kom en bedek de kom met vershoudfolie of met een schone theedoek. Laat het deeg 1 uur rijzen of totdat het volume is verdubbeld.

Verwarm de over voor op 220 °C. Sla het deeg terug op een licht bebloemd werkblad en kneed het deeg nogmaals door. Maak deegballetjes – ongeveer zo groot als een abrikoos – en rol hier vervolgens slangetjes van ongeveer 30 cm van. Vul een kom met koud water en doe de sesam in een ruime schaal, bijvoorbeeld een ovenschaal. Dompel een slangetje in het water en leg deze vervolgens in de schaal met de sesamzaadjes. Bedek het slangetje met genoeg sesam en verbind de uiteindes van de slang goed aan elkaar, zodat er een ring gevormd wordt. Herhaal deze stappen totdat het deeg op is. Bekleed een bakplaat met bakpapier en leg hier de ringen op. Bak de ringen in 15 minuten goudbruin.

Tip: Om deze koulouria te maken, kun je ook prima droge gist gebruiken. Gebruik dan voor deze hoeveelheid bloem 2 zakjes gist van elk 7 gram. Let goed op of op de verpakking het woord ‘instant’ vermeld staat of niet. Als dat er wel op staat, kun je de gist direct bij de bloem doen zonder dit eerst op te hoeven lossen. Indien het woord er niet op staat, los je de gist net als in het recept omschreven op en laat je het mengsel 10 minuten staan.

bananenbrood

Ik heb al vaak een bananenbrood gebakken en ik heb hiervoor veel recepten geprobeerd. Alle versies vond ik lekker, maar tegelijkertijd ook te zoet. Ik wilde erg graag een versie maken die voedzaam en tegelijkertijd niet te zwaar op de maag valt en een versie die gemaakt is zonder de toevoeging van geraffineerde suikers. De oplossing vond ik in de toevoeging van haverzemelen en het gebruik van dadelstroop. Dit bananenbrood is perfect om als tussendoortje te eten en kan ook prima mee als hapje voor op school.

Ingrediënten:

  • 3 (zeer) rijpe bananen, fijngeprakt
  • 80 ml zonnebloemolie, plus een beetje om de bakvorm in te vetten
  • 3 eieren
  • 4 eetlepels dadelstroop
  • 200 gram bloem
  • 1 theelepel bakpoeder
  • Snufje zout
  • 50 gram haverzemelen
  • 35 gram amandelstiften
  • Extra nodig: een cakevorm van circa 30 cm lang

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 180° C. Vet een cakeblik in met wat olie en bekleed met bakpapier. Doe de olie en de stroop in een kom en voeg tijdens het mixen – met een handmixer of keukenmachine – één voor één de eieren toe. Nadat dit goed gemengd is voeg je geleidelijk de bloem, het bakpoeder, de zemelen en het zout toe. Zodra dit goed gemengd is, voeg je de geprakte banaan toe en meng je dat nogmaals goed elkaar.

Doe het beslag in de bakvorm en strijk, indien nodig, glad en bestrooi gelijkmatig met de amandelstiften.

Zet de vorm in het midden van de oven en bak het bananenbrood gaar in 50 tot 55 minuten. Test met een prikker of het bananenbrood gaar is. Dit doe je door de prikker in het bananenbrood te steken en zodra deze er droog uitkomt, is het brood gaar. Geef het bananenbrood de tijd om af te koelen en doe dat door het brood minimaal 15 minuten te laten afkoelen in de vorm en daarna pas uit de vorm te halen. Laat het brood verder afkoelen op een rek.

Eet smakelijk!

Tip: Voor het invetten van de vorm kun je natuurlijk ook bakspray of boter gebruiken.

Weetje: Zemelen zijn de buitenste velletjes van de haverkorrel bevatten veel vezels en zijn daarmee extra voedzaam.