Peren kruimeltaart met havermout

Voor de allerlaatste #swiepswoepswap werd ik voor de tweede keer gekoppeld aan oestersenuien.nl

De eerste keer maakte ik een recept met mosselen. Deze keer koos ik voor een zoet recept, de appel kruimeltaart met havermout.

Op een aantal punten heb ik andere ingrediënten gebruikt. Zo gebruik ik geen appels, maar peren. Daarnaast heb ik de ‘quatre epices’ vervangen door kaneel en kardemom. 

Dit recept kan je zowel met een (hand)mixer maken als met de hand.

Ingrediënten:

  • 200 gram bloem
  • 85 gram fijne havermout 
  • 100 gram lichtbruine basterdsuiker 
  • Snufje zout
  • 140 gram koude roomboter, in blokjes
  • 6 conference peren, geschild en in blokjes
  • 2 eetlepels kristalsuiker
  • 1/8 theelepel gemalen kaneel
  • 1/8 theelepel gemalen kardemom
  • 3 eetlepels custardpoeder
  • Eventueel slagroom

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 175C. 

Vet een taartvorm licht in met wat boter.

Doe de bloem, de havermout, de basterdsuiker, het snufje zout en de roomboter in een beslagkom. Mix deze ingrediënten met je handen goed door elkaar zodat je een crumble krijgt. Dit duurt enige tijd, maar het maken van een crumble doe ik liever met de handen dan met een mixer.

In een aparte kom doe meng je de peer, de kaneel, de kardemom, de suiker en de custardpoeder goed door elkaar.

Verdeel 2/3 van de crumble in de vorm en druk goed aan, zoals je bijvoorbeeld bij een cheesecake zou doen. Maak hierbij een een opstaand randje. Verdeel het peer mengsel erover heen en verspreid goed. De overige crumble strooit je over de peer heen.

Bak vervolgens de kruimeltaart in 50 minuten gaar.

Eet smakelijk en geniet!

Marmercake

Een klassieker! Zo makkelijk en zo lekker.

Ik schreef het al eerder; een cake in de vorm van een tulband heeft voor mij iets feestelijks. Of je deze cake nu maakt op een feestdag of op een lekkere luie zondag.

Deze cake kun je zowel in een stand mixer maken als met een handmixer. Voor deze cake gebruik ik meestal een handmixer.

Ingrediënten:

  • 250 gram roomboter plus extra voor de vorm, op kamertemperatuur
  • 250 gram kristalsuiker
  • 250 gram zelfrijzend bakmeel plus 1 eetlepel voor de vorm
  • 5 eieren
  • Snufje zout
  • 20 gram cacaopoeder, gezeefd
  • 1 eetlepel melk
  • Extra nodig; tulbandvorm, minimaal 2 beslagkommen, afkoelrek

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 175° C. Gebruik de stand boven- en onder warmte indien je een oven hebt met meerdere standen.

Vet de vorm grondig in met roomboter. Doe daarna de eetlepel meel in de vorm, zodat deze zich over de boter verspreid. Het overtollige meel klop je daarna uit de vorm.

In een ruime beslagkom klop je de roomboter zacht. Doe vervolgens de suiker erbij en laat dit ongeveer 2 á 3 minuten mixen. Voeg vervolgens één voor één de eieren toe. Voeg een volgend ei pas toe als het vorige ei in het mengsel is opgenomen. Voeg de bakmeel en het zout geleidelijk toe. Mix het beslag totdat alle ingrediënten goed gemengd zijn.

Pak een andere beslagkom en doe hier ongeveer, het hoeft niet afgewogen te zijn, een derde van het beslag in. Voeg hieraan de cacao en de melk toe. Meng dit goed door elkaar en het cacaomengsel is klaar.

Doe de helft van het overgebleven, gele, beslag in de tulband. Vervolgens verspreid je hier het cacaobeslag in zijn geheel over. Voeg tenslotte het overgebleven beslag toe en strijk mooi glad.

Bak de cake in ongeveer 50 tot 55 minuten in de oven totdat deze gaar is. Gebruik een prikker om te controleren of het beslag helemaal gaar is alvorens je de cake uit de oven haalt. Komt de prikker droog uit de cake, dan is de cake gaar.  Zo niet, dan bak je de cake nog ietsjes langer.

Het is belangrijk dat je de cake 10 minuten in de vorm laat voordat je deze stort op bijvoorbeeld een afkoelrek om verder af te koelen.

Eet smakelijk!

Tip: Gebruik een spatel om beslag, tijdens het mixen, goed van de bodem en de randen los te halen.

Voor een extra gemarmerd effect, kun je ervoor kiezen met bijvoorbeeld een prikker door je beslag heen te gaan en “achtjes” te maken.

Door de meel kan de bovenkant van de cake er na het bakken wat flets uitzien. Geen zorgen! Dit overtollige meel kun je nadat de cake is afgekoeld voorzichtig er vanaf schrapen.

Niet alle ovens zijn hetzelfde. De baktijd kan daarom verschillen.

Empanada de manzana

Appel en kaneel. Als je het mij vraagt is dit toch wel de ultieme smaakcombinatie. Of het nu gaat om een appeltaart of om een appelflap.

Dit recept – waar zoals te verwachten ook hier de smaakcombinatie appel en kaneel centraal staat – brengt mij terug naar de ontbijttafel van mijn schoonouders in Chili. Mijn schoonmoeder is een ware koningin in de keuken. Waar iedere dag zelfgebakken broodjes op tafel stonden, stond daar op een ochtend een empanada op het aanrecht. Een zoete empanada welteverstaan!

Wat ik zo lekker vind aan dit recept? Het krokante en hartige deeg in combinatie met de heerlijke frisse en vooral niet te zoete appelvulling.

Het is niet nodig om een speciaal soort appels te kopen of verse appels te gebruiken. Ik maak deze empanada juist met de verrimpelde appels die op de fruitschaal liggen.

Ik gebruik voor het maken van deze empanada een keukenmachine, maar het deeg is zeker ook met de hand te maken.

Indien je dit recept besluit te maken, lees dan zeker de tips die onderaan het recept staan.  

Ingrediënten:

  • 500 gram bloem, plus extra voor het bestuiven van het aanrecht
  • 150 ml zonnebloemolie
  • 150 ml melk
  • 1 plus 1 ei, in aparte schaaltjes geklutst
  • 1 theelepel zout
  • 5 appels
  • 1 theelepel gemalen kaneel
  • 1 eetlepel citroensap
  • 50 gram (riet)suiker
  • 50 gram roomboter, in kleine blokjes
  • Extra nodig; taartvorm 30 cm, bakpapier, keukenmachine met deeghaken, deegroller

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 190 °C en bekleedt de taartvorm met een vel bakpapier.

Voor het deeg doe je de bloem en het zout in de kom en meng door elkaar. Voeg vervolgens geleidelijk de zonnebloemolie, de melk en het ei toe. Kneed het deeg ongeveer 5 minuten.

Laat het deeg rusten terwijl je de appelvulling klaarmaakt. Schil de appels en snijd deze in halve maantjes met een dikte van ongeveer 0,5 cm. Doe de appels in een kom en voeg hieraan de kaneel, de suiker en het citroensap toe. Meng goed door elkaar en zet apart.

Verdeel het deeg over twee delen waarvan het ene deel iets groter is dan de ander. De reden hiervoor is dat de onderste plak over de randen van de taartvorm moet vallen, zodat de empanada daarna goed te sluiten is. Voor het uitrollen van het deeg begin je eerst met de grotere helft. Bestuif wat bloem op het aanrecht en gebruik een deegroller om het deeg uit te rollen tot een dikte van ongeveer 0,5 cm. Zorg ervoor dat de plak groter is dan de taartvorm. Bekleed de taartvorm met deze plak en laat de randen die over de vorm komen eraan zitten.

Verdeel de appelvulling over het deeg en verdeel de roomboter over de vulling.

Bestuif het aanrecht nogmaals met wat bloem en rol hier het andere stuk deeg over uit tot een dikte van 0,5 cm. Leg dit stuk deeg over de appelvulling waarbij je zult zien dat de randen van beiden deegplakken elkaar overlappen. Rol de deegranden naar binnen toe zodat er zich een rand vormt. Bestrijk het deeg met ei en snijd de empanada in het midden in, zodat tijdens het bakken het deeg niet gaat opbollen.

Bak de empanada 45 minuten in het midden van de oven met boven-en onder warmte. Laat de empanada 10 minuten in de vorm zitten en til deze daarna door middel van het bakpapier op om deze bijvoorbeeld op een rek verder te laten afkoelen.

Eet smakelijk!

Tips:  

Bakpapier: het is niet nodig de vorm in te vetten voordat je hier het bakpapier op legt. Knip de vel bakpapier niet op maat. Een vel dat groter is dan de vorm is erg handig voor het uit de vorm optillen van de gebakken empanada.

Boter: voor de verdeling van de boter op de appelvulling maakt het niet uit of de boter koud is of op deze op kamertemperatuur is.

Kourabiedes

Ik ben dol op tradities. Daar hoort natuurlijk de Kersttraditie bij. De blijdschap en Kerststemming beginnen bij mij al begin December. Heerlijke geuren van allerlei baksel. Deze koekjes vind je in veel Griekse huishoudens. Of deze nou gekocht zijn of zelf gebakken. De banketbakkers liggen er vol mee.

Schrik niet van de hoeveelheid suiker die je achteraf over de koekjes strooit. De hoeveelheid die ik gebruik in dit recept staan in schril contrast met vele andere recepten die ik heb gezien. Soms wordt er wel een kilo gebruikt! Ik vind dat niet nodig. De smaak is er namelijk niet minder van. Je ziet ook steeds vaker de zogenaamde “naked kourabiedes”. Dat zijn kourabiedes die helemaal niet worden bestrooid met poedersuiker.

In de authentieke recepten staat vaak geschreven dat je zelf de amandelen moet roosteren. Ik ga graag voor gemak en daarom kook ik amandelen die al geroosterd zijn. Je kunt er voor kiezen al gemalen amandelen te kopen. Ik houd er van als je wat structuur proeft. Daarom kies ik ervoor zelf de amandelen te malen in een keukenmachine. Een deel maal ik dan zo fijn mogelijk, een deel grover gemalen en een deel tot grof gehakt.

Deze koekjes maak ik eigenlijk altijd met een elektrische mixer, omdat je een aantal minuten de boter met de suiker romig moet kloppen.

Als je deze koekjes eet; houdt dan rekening met een witte snor en een witte punt van je neus.

Ingrediënten, voor ongeveer 40 stuks:

  • 500 gram roomboter, op kamertemperatuur
  • 100 gram poedersuiker
  • 2 eidooiers
  • 1 ei, geklutst
  • 1 eetlepel vanille extract of 2 zakjes vanillesuiker
  • Klein beetje (verse) gemalen nootmuskaat, niet meer dan een halve theelepel
  • 850 gram bloem
  • 250 gram geroosterde amandelen, waarvan ongeveer 175 gram gemalen en het overige gedeelte (grof) gehakt
  • 60 ml cognac, in een glaasje of schaaltje
  • 1 theelepel baksoda
  • Voor de garnering; poedersuiker, bijvoorbeeld een bus van 250 gram.

Bereidingswijze:

 Verwarm de oven voor op  170°C en bekleed een bakplaat met bakpapier.

Doe de boter en poedersuiker in een kom en klop deze een aantal minuten door, zodat het mengsel romig wordt en de suiker helemaal opgenomen lijkt.

Voeg vervolgens één voor één de eidooiers toe en blijf mixen. Voeg dan het geklutste ei en de vanille toe en blijf zacht mixen.

Voeg de baksoda toe aan de cognac en meng dit door totdat de soda opgenomen is. De cognac voeg je toe aan de mixer en meng goed door elkaar.

De bloem, de nootmuskaat en de amandelen voeg je om en om toe en blijf mengen. Op het laatst mix ik het deeg met de handen door en laat het deeg in de kom.

Maak van het deeg balletjes van ongeveer 35 tot 40 gram. Leg de balletjes op de bakplaat en druk deze iets plat.

Bak de kourabiedes 30 minuten en laag deze vervolgens afkoelen.

Zodra de koekjes zijn afgekoeld bestrooi je deze met poedersuiker. Je kunt dit doen door een ovenschaal te vullen met de poedersuiker en hierin de koekjes te wentelen.

Presenteer de koekjes op een mooie schaal en bestrooi met nog wat poedersuiker.

Geniet ervan!

Muffins met banaan, chocola en walnoten

Hierbij weer een heerlijk recept dat er voor zorgt dat alle gezinsleden blij de keuken in komen lopen door de heerlijke geur van muffins. Dit recept is een zogenaamd #swiepswoepswap recept.

Lisanne van BakkenMetLisanne koppelde mij dit keer aan Nicole van Cookies & Carrot Sticks. De website van Nicole staat vol heerlijke recepten, blogs en tips. Ik koos ervoor haar Bananenmuffins met chocolade te swiepswoepswappen. Waarom? Ik heb een groot gezin waar tijd onze (lees vooral mijn!) allergrootste vijand is. Muffins vind ik altijd erg feestelijk, omdat het eenpersoons cakejes zijn. Daarnaast heb je geen machines nodig. Ik gebruik slechts twee beslagkommen. Één voor alle droge ingrediënten en één voor alle natte ingrediënten. Het is dan een kwestie van door elkaar mengen en de muffin papiertjes vullen. Binnen een mum van tijd – ongeveer 40 minuten in totaal – zijn deze heerlijke muffins klaar. In het originele recept gebruikte Nicole tapiocasiroop. De dadelstroop die ik in huis had, bleek een goede vervanger. Ook het amandelmeel dat ik altijd in huis heb, bleek een goede vervanger van de tijgernotenmeel. Het restje walnoten dat ik in de lade had, mengde ik op het laatst door het beslag heen.

Zet deze cakejes vooral ook neer op de ontbijttafel. Zo begin je de dag met blije gezichten.

Ingrediënten, voor 11 muffins:

  • 1 overrijpe banaan
  • 1 ei
  • 3 eetlepels dadelstroop
  • 1 theelepel vanille extract
  • 2 eetlepels melk
  • 200 ml olie, ik gebruikte arachideolie
  • 125 gram bloem
  • 125 gram amandelmeel
  • 1 theelepel bakpoeder
  • Snufje zout
  • 75 gram pure chocolade, in kleine stukjes
  • 25 gram walnoten, in kleine stukjes
  • Extra nodig; muffintray, muffinpapiertjes , twee (beslag)kommen

Bereidingswijze:

Verwarm de oven op 180°C.

Vul de tray met muffinpapiertjes.

Doe alle droge ingrediënten in een beslagkom en alle natte ingrediënten in een andere beslagkom. Meng de ingrediënten in de beslagkommen goed door elkaar en voeg dan de natte ingrediënten bij de droge ingrediënten. Meng door elkaar en vul de muffinvormpjes tot driekwart. Het beslag is wat dik en het beslag met twee lepels in de vormpjes doen, vind ik het handigst.

Bak de muffins in 25 minuten gaat. Na 20 minuten draai ik de tray om voor een gelijkmatige bruining.

Super makkelijke kaas-peterselie bol

Deze bol is bedacht op het moment dat ik met mijn handen in het haar stond. Zaterdagochtend, alle kinderen thuis, badmintontraining aanstaande en geen brood in huis. Behalve brood had ik ook geen eieren en (vervangend) zuivel meer. Bovendien waren de winkels ook nog dicht. Als een gek spitte ik de kasten door. Ik vond nog bloem, kaas en peterselie. In mijn keukenlade vond ik nog mosterdpoeder. In veel Britse recepten heb ik gezien dat mosterdpoeder in hartige baksel wordt gebruikt. Waarom dan ook niet in een brood?

Het resultaat? Kinderen die de trap af lopen en zeggen “Hmm wat ruikt het hier lekker”. Daar doe ik het voor. De smaak en textuur doen ook niet voor de geur onder. Dit brood is inderdaad heerlijk. Of je het nu met alleen wat roomboter eet, of juist met nog wat extra kaas. Of je het nu eet bij het ontbijt, als lunch of bij de soep.

Waarom is dit recept super makkelijk? Ten eerste is het een recept dat snel is. Er zit geen gist in en daarmee hoeft het deeg niet te rijzen. Dat scheelt heel veel tijd. Zeker op de drukke ochtenden en weekenden. Ten tweede heb je geen keukenmachine en deeghaken nodig. Een beslagkom en je handen zijn voldoende.

Ingrediënten, voor 1 bol:

  • 500 gram bloem plus extra voor het aanrecht
  •  1 zakje bakpoeder á 15 gram
  • ½ theelepel zout
  • 1 theelepel paprikapoeder
  • 1 theelepel mosterdpoeder
  • ½ theelepel uienpoeder
  • Versgemalen peper
  • 100 gram geraspte kaas
  • Halve bos platte peterselie, zonder grove steeltjes, fijn gehakt
  • +/- 250 ml warm water

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 200°C en bekleedt een bakplaat met bakpapier.

Doe alle ingrediënten, behalve het water, in een ruime (beslag)kom en meng door elkaar. Voeg geleidelijk het water toe en voeg daarbij niet meteen al het water toe. Kneedt door elkaar en voel aan het deeg of het nog wat water of juist nog wat bloem nodig heeft. Bij een droog deeg voeg je nog wat water toe en als het deeg te plakkerig is, voeg je nog wat bloem toe.

Strooi wat bloem op het aanrecht en kneed het deeg hier nog verder dol en vorm een bol.

Verplaats de bol naar de bakplaat. Snijdt het deeg naar wens aan de bovenkant een beetje in en bestrooi met nog wat extra kaas.

Afhankelijk van de oven bak je de bol in ongeveer 30 tot 35 minuten gaar.

Eet smakelijk!