Maïzena koekjes

De welbekende – in ieder geval binnen de Surinaamse gemeenschap – koekjes met discodip.

Jaar in jaar uit en op ieder familiefeest stonden er maïzenakoekjes op tafel. Ik vind deze koekjes heel erg lekker en zijn erg makkelijk te maken. In deze eenvoud schuilen tegelijkertijd ook een aantal valkuilen. Een goed maïzena koekje smelt op je tong en hoort niet te resulteren in een hoestbui doordat het koekje (veel) te droog is. Daarnaast moet het koekje vooral niet te veel kleur krijgen, want dit koekje staat juist bekend om de bleke kleur en de gezellige opvallende kleurtjes van de discodip. De truc van het bakken van deze koekjes ligt dus met name in de oventemperatuur en de baktijd.

Het perfecte maïzena koekje wordt naar mijn mening gebakken door Zoí’s groottante en aan wie kon ik dan het beste advies vragen? Zij bakt de koekjes op 150 graden in ongeveer 20 minuten gaar.

Deze koekjes zijn niet alleen leuk om tijdens een feestje op tafel te zetten, maar ze zijn ook heel leuk om cadeau te doen.

Ingrediënten, voor 45 tot 50 koekjes

  • 250 gram zachte roomboter
  • 250 gram kristal suiker
  • 2 zakjes vanillesuiker
  • 500 gram maïzena
  • 2 eieren
  • Discodip

Bereidingswijze:

Verwarm de oven voor op 150 °C.

Doe de boter in een ruime kom en roer deze los met een rubberen spatel/ pannenlikker. Voeg vervolgens de kristal suiker en vanille suiker toe en roer goed door elkaar. De eieren mogen vervolgens één voor één worden toegevoegd. Voeg het tweede ei pas toe als het eerste is opgenomen in het beslag. De maïzena mag nu beetje bij beetje worden toegevoegd en meng alles goed door elkaar met de spatel. Om een vast deeg te vormen, kneed je alles goed met je handen door.

Voor het vormen van de koekjes rol je balletjes ter grootte van een walnoot – ongeveer 20 gram per balletje – en leg deze op een met bakpapier bekleedde bakplaat. Druk de balletjes plat met een vork en bestrooi deze met wat discodip.

Bak de koekjes 20 minuten en draai halverwege de bakplaat om, zodat de koekjes achterin de oven niet te bruin worden.

Eet smakelijk!

Tip: is het deeg te zacht en kun je er geen stevige en mooie balletjes van draaien? Zet dan de kom nog minimaal 15 minuten in de koelkast.

Houdt enige afstand tussen de koekjes op de bakplaat, zodat deze niet aan elkaar gaan plakken.

Laat de koekjes goed afkoelen, voordat je deze in een koekblik bewaart.

Trahanosoupa

Oftewel soep met trahana.

Zoals vele andere Griekse recepten, haalt deze soep mooie herinneringen bij mij naar boven. Het is wellicht niet een gerecht dat bij velen bekend is. Deze soep staat niet op de menukaarten en wordt vooral in huishoudelijke kring gegeten.

Trahana wordt veelal gemaakt van tarwe en gefermenteerde melk en de gerechten die hiermee worden gemaakt, behoort tot één van de oudste – lees eeuwenoude – gerechten. Het maken van deze korrels is een perfecte manier om melk te verwerken en wordt gezien als armelui voedsel.

Mijn nonna (peetmoeder) maakte zelf trahana en ik kan mij nog goed herinneren dat zij mij leerde hier soep van te maken. Daar stonden wij dan in haar keukentje met uitzicht op de tuin. De soep maakten wij in een briki (koffiepannetje) op een gaspitje rechtstreeks op de gasfles. Wat een genot! De soep is eenvoudig te maken en behoort voor mij tot ultiem comfort food. Je kunt je voorstellen dat op de terugweg naar huis een grote zak met trahana zat.

Gelukkig is trahana inmiddels via Griekse winkels hier in Nederland te kopen en kun je dus op ieder gewenst moment van deze heerlijke soep genieten.

Ingrediënten, voor 4 personen:

  • 1,5 liter water
  • Zout, peper
  • 2 eetlepels olijfolie
  • 250 gram trahana
  • 1 eetlepel tomatenpuree
  • Eventueel feta

Bereidingswijze:

Breng het water in een ruime pan met gezouten water aan de kook en voeg hier wat peper en de olijfolie aan toe. Zodra het water kookt, zet je het vuur laag en voeg je de trahana toe. Onder regelmatig roeren voeg je de tomatenpuree toe en gaar je de trahana in ongeveer 15 minuten.

De trahana neemt veel water op en je kunt naar wens wat extra water toevoegen indien je niet van een hele gebonden soep houdt. Voeg naar smaak zout en peper toe.

Zodra de trahana gaar is, schep je de soep in diepe borden en voor een extra smaak dimensie kun je wat feta op de soep verkruimelen.

Eet smakelijk!

Tips: gebruik gerust andere kaas als je niet van feta houdt of andere kaas in huis hebt.

De trahana kan tijdens het koken klontjes vormen. Deze klontjes kun je makkelijk losmaken door deze met de pollepel langs de pan te halen en wat in te drukken.  

Aardbeien ijsjes met vlierbloesemsiroop

In ons grote huishouden waar wij er alles aan proberen te doen om geen eten te verspillen, komt het helaas voor dat het niet lukt om al het eten zo vers mogelijk te eten. Dit gebeurt ons zelfs bij het zachte zomerfruit en dat terwijl we hier dol op zijn. In de koelkast stond een bakje met aardbeien die niet meer geschikt waren om zo te eten. Gelukkig gaf het heerlijk zonnetje dat scheen mij de inspiratie de aardbeien te pureren en te verwerken tot ijsjes.

Aardbeien en vlierbloesemsiroop is een perfecte combinatie en onze meisjes waren het hier helemaal mee eens. Het kostte hen wat geduld om te wachten tot de ijsjes bevroren waren, maar hun geduld werd beloond.

Voor dit recept is het moeilijk aan te geven hoeveel ijsjes je ermee kunt maken. Dit hangt natuurlijk af van de ijsvormpjes die je in huis hebt. Met mijn vormpjes heb ik acht ijsjes kunnen maken.

Als je wat van het ijsmengsel over hebt, gooi dit dan vooral niet weg, maar drink het lekker op.

Ingrediënten, voor ongeveer 500 ml ijs

  • +/- 400 gram aardbeien
  • +/- 250 ml aangemaakte vlierbloesemsiroop
  • Extra nodig; staafmixer

Bereidingswijze:

Was de aardbeien en haal de kroontjes er van af. Doe de aardbeien in een ruime kom of maatbeker en pureer hierin het fruit totdat deze glad zijn. Je hoeft de sap niet te zeven.

Maak in een glas de siroop klaar en maak deze naar jouw smaak. Giet de siroop bij het aardbeienmengsel en meng door elkaar. Vul de vormpjes met het aardbeienmengsel en ze deze in de vriezer. Voor het beste resultaat laat je de ijsjes minimaal acht uurtjes bevriezen.

Geniet!

Pastasalade met kip, paprika en komijn

Deze salade is super eenvoudig  en tegelijkertijd erg bijzonder door de smaak.

Al jaren staat deze salade bij ons op het menu. Ik kan mij nog goed herinneren toen ik deze voor het eerst at bij mijn zus in Patras. Ik was namelijk meteen ondersteboven. Wat geeft die komijn een heerlijke smaak! Wij gebruiken behoorlijk wat komijn in dit gerecht, maar dit kun je natuurlijk aanpassen naar bijvoorbeeld één eetlepel.

Schrik niet van de hoeveelheid olijfolie die er in dit recept zit. Deze olie gaat namelijk niet verloren na het bakken van de kip. Doordat de komijn wordt meegebakken in de olie, krijgt de olie een heerlijke smaak en deze gebruik je vervolgens in de salade.

Ingrediënten:

  • 500 gram penne rigate
  • 2 kipfilets, ongeveer 500 gram in totaal, in blokjes gesneden
  • 3 paprika’s, in grove stukken gesneden
  • 4-5 eetlepels olijfolie
  • 2 eetlepels gemalen komijn
  • Zout en peper
  • 2 eetlepels mayonaise
  • 1 zakje rucola

Bereidingswijze:

Kook de pasta volgens de verpakking. Giet vervolgens af en laat enigszins afkoelen.

Verhit de olijfolie in een hapjespan en bak hierin de kip met de komijn en het zout en peper in aan. Zodra de kip kleur begint te krijgen, doe je de stukjes paprika erbij. Zet het vuur uit zodra de kip en de paprika’s gaar zijn.

Neem een ruime schaal en doe hier de pasta en de kip met paprika’s – inclusief de olie uit de pan – in. Hussel goed door elkaar en voeg vervolgens de mayonaise toe. Breng eventueel nog verder op smaak met zout en peper en voeg tot slot de rucola toe. Meng goed door elkaar en klaar is de salade.

Eet smakelijk!

Voorjaarsstamppot met raapstelen en gehaktballen in tomatensaus

Het is pas sinds dit jaar, of eigenlijk sinds dit voorjaar, dat ik raapstelen heb ontdekt. Ik wist wel van het bestaan van deze groente af, maar ik had deze nog nooit geproefd. Na de aanschaf van de eerste bosjes kwam ik vrijwel direct op dit recept uit. Dit gerecht heb ik nu een aantal keren gemaakt en niet alleen Jorge – onze aardappelman – vond het een succes. Zelfs Zoí die eigenlijk niet van de stamppotten is, vond dit stamppotje erg lekker. Het zit hem in de combinatie van een zacht smakende stamppot met een bite van de steeltjes en de smaakvolle gehaktballen met saus.

De raapsteel – niet te verwarren met het sprookje Repelsteeltje zoals onze kinderen doen – is vooral bij de ruim gesorteerde groenteboer of bij de biologische winkels te verkrijgen. De smaak wordt vaak omschreven als licht pittig, al ben ik van mening dat de smaak toch zachter is en daarmee ook zeer geschikt voor moeilijke eters/ etertjes.

Op de wortelaanzet na, kun je alles van deze groente eten.

Lees onderaan het recept en de foto enkele tips.

Ingrediënten, voor 4 personen:

Voor de stamppot

  • 2 kilo kruimige aardappels, geschild en in gelijke stukken gesneden
  • 2 bossen raapstelen, grondig gewassen en ontdaan van de wortelaanzet
  • Peper en zout
  • 200 ml (lauw)warme melk
  • 50 gram (room)boter
  • Eventueel wat nootmuskaat

Voor de gehaktballen

  • 500 gram rundergehakt
  • 1 kleine tot middelgrote ui, geraspt of zeer fijn gesneden, zie tip
  • 1 teentje knoflook, geraspt of geperst, zie tip
  • Zout en peper
  • 1 ei
  • 1 eetlepel gladde mosterd
  • 3 tot 4 eetlepels paneermeel

Voor de tomatensaus:

  • 4 eetlepels olijfolie
  • 1 kleine tot middelgrote ui, gesnipperd
  • 1 teentje knoflook, fijn gesneden of geperst
  • 250 gram champignons, in plakjes gesneden
  • Zout en peper
  • 1 blikje tomatenblokjes, á 400 gram

Bereidingswijze:

Voor de stamppot

Kook de aardappels gaar in een grote pan met gezouten water. Snijdt de steeltjes van de raapstelen fijn en het blad iets grover. Zodra de aardappels gaar zijn, dompel je de raapstelen hooguit een minuut onder in het warme water en vervolgens giet je alles af. Stamp de aardappels en de raapstelen fijn en voeg hieraan de (lauw)warme melk en de boter toe. Breng de stamppot verder op smaak met zout en peper en voeg eventueel naar smaak nog wat nootmuskaat toe.

Voor de gehaktballetjes

Doe het gehakt in een ruime kom en voeg hieraan de ui, de knoflook, de mosterd, het zout en peper, het ei en het paneermeel toe en meng alles goed door elkaar. Draai van dit mengsel gehaktballetjes tot de gewenste grootte.

Voor de saus

Verhit de olijfolie in een hapjespan en fruit hierin de ui en de knoflook gedurende 5 minuten op laag tot middelhoog vuur aan. Voeg vervolgens de champignons toe. Na ongeveer 5 minuten zijn de champignons geslonken en kun je de gehaktballetjes toevoegen. Bak de balletjes rondom bruin. Voeg na 10 minuten de tomatenblokjes toe en vul het lege blik met warm water en giet dit water in de pan. Breng de saus op smaak met zout en peper en laat alles nog 15 minuten op laag vuur sudderen. Vergeet tijdens het sudderen niet af en toe de balletjes te draaien om aanplakken te voorkomen.

Schep de stamppot op een bord en serveer hier enkele balletjes met saus bij en klaar is het eten.

Eet smakelijk!

Tip: Heb je alleen grote uien in huis? Geen probleem. Gebruik dan een halve ui voor de gehaktballetjes en de andere helft voor de saus.

Waarom het ui raspen? Dit heb ik vanuit huis meegekregen en wordt in Griekenland veel gedaan. Door het raspen van het ui komt er vocht vrij en dit vocht brengt het gehakt op smaak. Ditzelfde geldt voor het raspen van de knoflook. Gebruik voor het raspen van de ui de grove rasp en voor de knoflook de fijne rasp.

Eet je graag stamppot rauwe andijvie? Raapstelen kun je prima rauw eten en deze hoef je zoals in het recept staat, niet eerst onder te dompelen in het kokende water.

Limonade met grapefruit en munt

Het is tijd voor mijn derde ‘Swiepswoepswap’ van Mandy van Mandyandmore. De eerste keer ging ik aan de slag met een vegetarisch recep en de tweede keer heb ik een granola gemaakt. Voor deze derde ronde ben ik gekoppeld aan Marcella van Borrels & Bites.  

De naam van Marcella’s website zegt het al. Haar site staat vol met heerlijke hapjes en drankjes. Neem vooral een kijkje op haar website als je opzoek bent naar leuke recepten.

Alhoewel heel veel van haar recepten mij aanspreken, heb ik dit keer gekozen voor een drankje. Een limonade wel te verstaan. Zo gek als ik ben op eten, besteed ik op de één of andere manier veel te weinig aandacht aan drankjes. Dit komt denk ik vooral omdat ikzelf bijna altijd water of thee drink.

Voor de ‘Swiepswoepswap’ heb ik het recept ‘Limonade met grapefruit en salie’ op één puntje aangepast. In plaats van salie heb ik munt gebruikt. Het originele recept vind je hier.

Ik ben er van overtuigd dat deze ‘Swiepswoepswap’ mij meer inspiratie zal geven voor het maken van drankjes.

Ingrediënten, voor 2 glaasjes:

  • 2 grapefruits, geperst
  • 250 ml bruiswater
  • Enkele takjes munt
  • Eventueel ijsblokjes

Bereidingswijze:

Verdeel de grapefruitsap over 2 glazen en schenk hier het bruiswater bij. Voeg enkele takjes munt en eventueel wat ijs toe en genieten maar!