Bistec a lo pobre

Een gerecht dat je niet zozeer in de dorpen van Chili tegenkomt, maar des te vaker in de restaurants van Santiago.

Dit was één van de eerste gerechten die Jorge voor mij maakte en ik vond het super lekker. Ik eet niet heel veel vlees, maar de combinatie van de gebakken uien met het vlees en het eitje op de patat vond ik zo lekker dat ik meteen twee biefstukken tegelijk at. Vandaar dat dit recept in principe voor twee personen is geschreven. Ben je niet zo’n grote eter als dat wij zijn of wil je dit voor je gezin maken, kun je het perfect voor 4 personen maken – met op de eieren na – exact dezelfde ingrediënten. Gebruik 1 ei per persoon. Wij gebruiken eigenlijk altijd ovenfriet voor dit gerecht.

Ingrediënten voor 2 personen:

  • 2 uien, in dunne partjes gesneden
  • 6 eetlepels (olijf)olie
  • 4 biefstukken
  • Zout en peper
  • Zak (oven) friet / patat
  • 2 eieren

Bereidingswijze:

Voor de patat: Indien je ovenfriet gebruikt, verwarm je alvast de oven voor volgens de verpakking en bak de friet krokant. Probeer het bakken van de patat – of het nu gefrituurde patat is of patat uit de oven – zo te timen dat het tegelijk klaar is met het vlees en het gebakken eitje.

Voor de uien: Verhit twee eetlepels olie in een koekenpan en bak hierin de uien totdat ze zacht en bruin van kleur zijn. Doe de uien in een kom.

Voor de biefstuk: Verhit nog eens twee eetlepels olie in de koekenpan waarin je net de uien hebt gebakken. Bestrooi de biefstukken met zout en peper en bak deze ongeveer 4 minuten per kant voor een medium rare resultaat. Leg het vlees op een bord en dek af met aluminiumfolie en laat minimaal 5 minuten rusten

Voor de gebakken eieren: Verhit de overige olie in een schone koekenpan en bak hierin de eieren tot spiegeleieren.

Voor de opmaak van het bord: Leg wat patat op het bord met daarnaast de biefstukken. Verdeel vervolgens de gebakken uien hierover en leg het gebakken eitje op de patat.

Eet smakelijk!

Weetje: In Chili wordt bijna geen boter gebruikt om in te bakken.

Cazuela de albóndigas

Jorge is dol op de cazuela die zijn moeder maakt. Die cazuela wordt veelal met stukken vlees gemaakt. In zijn dorp, Quildaco Bajo, is er geen slager. Laat staan iemand die gehakt maakt. De mensen slachten zelf de dieren en verdelen dan het vlees onder elkaar. Rond de grote steden zijn er wel slagers en kookt men met gehakt en zo bestaat er ook een cazuela op basis van gehaktballetjes.

Ingrediënten:

  • 500 gram rundergehakt
  • 8 sneetjes wit brood, zonder korst
  • 1 ei
  • 1 eetlepel fijngehakte peterselie
  • 2 theelepels zout
  • ½ theelepel knoflookpoeder
  • Halve rode paprika, in dunne reepjes gesneden
  • 1 wortel, geschild en in kleine stukjes of dunne reepjes gesneden
  • Enkele stengels bleekselderij, inclusief het loof
  • 1 knoflookteen, fijngesneden
  • Halve ui, door midden gesneden
  • 2 verse maiskolven, iedere maiskolf in 3 stukken gesneden
  • 6 middelgrote aardappels, geschild en door midden gesneden
  • Halve pompoen, in grote stukken gesneden
  • 400 gram snijbonen, in dunne plakjes gesneden
  • Half kopje rijst
  • 1 runderbouillon blokje
  • Zout, minimaal 2 eetlepels
  • Peper
  • 1 theelepel gedroogde oregano
  • 1 theelepel aliño completo (Chileense kruidenmix), of maak zelf je mengsel van gemalen komijn, gemalen koriander en paprikapoeder
  • Flinke scheut olijfolie
  • 3 liter water
  • Eventueel verse koriander

Bereidingswijze:

Voor de gehaktballetjes; maak het brood nat met water en knijp goed uit. Doe het gehakt in een kom en wrijf hierover het brood uit. Doe het ei, de peterselie, de knoflookpoeder en de twee theelepels zout er bij. Meng goed door elkaar en maak hier balletjes van.

Verhit in een grote soeppan de olijfolie en fruit hierin de wortel, de paprika en de stengels bleekselderij  in aan. Voeg na ongeveer twee minuten de knoflook en de stukken ui aan toe. Voeg de kruidenmix (of je eigen mengsel), de oregano en zout en peper toe. Bak de kruiden kort mee en voeg dan de stukken mais toe.  Na nogmaals enkele minuten voeg je het water en het bouillonblokje toe. Breng aan de kook. Zodra het water kookt, voeg je de aardappels en de pompoen toe. Laat 10 minuten koken. Voeg dan de rijst, de snijbonen en de gehaktballetjes toe. Blijf de soep goed proeven. Door de hoeveelheid water kan het zijn dat je er meer zout bij moet doen. Zodra de rijst gaar is, is de soep klaar.

Schenk de soep in borden en bestrooi met verse koriander.

Tip: Snijdt de pompoen en de aardappel niet in te kleine stukjes, want deze kunnen oplossen in het water.

Variatietip: als je geen koriander lust, kun je (platte) peterselie gebruiken om over de soep te strooien.